skip to content

Al Is De Leugen Nog Zo Snel...

Recent raakte ik betrokken bij een bizarre zaak. De casus was als volgt. Twee broers hadden er lucht van gekregen dat hun vader, die zij al geruime tijd niet hadden gezien, was overleden. Om een testament te traceren hebben zij zich gewend tot een notaris. Deze notaris heeft informatie ingewonnen bij het Centraal Testamentenregister zodat de twee broers, die uiteindelijk mijn cliënten werden, er bekend mee raakten dat er een testament was waarin zij, als de twee zonen, als enige erfgenamen waren benoemd. Echter, het was onduidelijk alwaar de vader de laatste tijd van zijn leven had doorgebracht. Er waren wel enkele kleine aanknopingspunten, maar niet voldoende.

 

Middels tussenkomst van ons kantoor raakten de beide broers ermee bekend dat hun vader de laatste tijd verzorgd was door een nieuwe vriendin. Met behulp van een verklaring van erfrecht hebben de broers weten te bewerkstelligen  bankafschriften te verkrijgen van betalingen van de afgelopen zes maanden. Aldus werd er geconstateerd dat er substantiële bedragen van de lopende rekening van de vader waren gepind. Bovendien werd er geconstateerd dat na het overlijden een substantieel bedrag was overgemaakt naar de vriendin. De twee broers hebben ons kantoor de opdracht gegeven om het substantiële bedrag op te eisen van de laatste vriendin.

 

Op een gegeven moment meldde zich een uitvaartorganisatie, maar dan wel op een zeer bijzondere wijze. Het was niet de uitvaartorganisatie zelf, maar een medewerker die zich opwierp als belangenbehartiger van de vriendin. Deze medewerker deed het verhaal dat de vriendin uitermate goed en zorgzaam voor de vader had opgetreden en zelf de kosten van de begrafenis had betaald. Gelukkig namen de twee broers hiermee geen genoegen, omdat zij wisten dat hun vader altijd een passende verzekering had gesloten, zo bleek dit ook nu. De medewerker van de uitvaartorganisatie presenteerde op enig moment een overzicht waaruit bleek dat, ondanks de aanwezigheid van een begrafenisverzekering, de vriendin een substantieel bedrag uit eigen middelen had betaald.

 

Wederom namen mijn cliënten hiermee geen genoegen en zij namen direct contact op met de uitvaartorganisatie, waarbij de medewerker voorheen in loondienst was geweest. Vervolgens kwam er een totaal ander overzicht waaruit bleek dat zelfs na aftrek van alle begrafeniskosten en overige kosten er een positief saldo resteerde. Met andere woorden, de medewerker van de uitvaartorganisatie had geknoeid met de afrekening. Nadat ons kantoor deze medewerker ermee had geconfronteerd probeerde deze de zaak te leiden door een gesprek met alle betrokkenen te organiseren. Mijn cliënten waren evenwel furieus en wensten op geen enkele wijze meer hun medewerking te verlenen aan een minnelijke oplossing, omdat  duidelijk was  dat er gepoogd was mijn cliënten als erfgenamen te benadelen.

 

Vervolgens heeft ons kantoor, in opdracht van de twee broers, de vriendin gedagvaard, waarna de vriendin subiet het aan mijn cliënten toekomende bedrag heeft betaald, waarmee de onderhavige kwestie tot een goed einde is gekomen.
 

 
 

 

 

Copyright 2016 ©|  Webdesign door: ICT meester